Naar de inhoud

De tuinman en de dood

Een kort verhalend gedicht over een tuinman die de dood wil ontvluchten; past bij een uitvaart.

Past bij een uitvaart

Een Perzisch Edelman:

Van morgen ijlt mijn tuinman, wit van schrik, Mijn woning in: „Heer, Heer, één oogenblik!

Ginds, in de rooshof, snoeide ik loot na loot, Toen keek ik achter mij. Daar stond de Dood.

Ik schrok, en haastte mij langs de andre kant, Maar zag nog juist de dreiging van zijn hand.

Meester, uw paard, en laat mij spoorslags gaan, Voor de avond nog bereik ik Ispahân!” —

Van middag — lang reeds was hij heengespoed — Heb ik in 't cederpark de Dood ontmoet.

„Waarom,” zoo vraag ik, want hij wacht en zwijgt, „Hebt gij van morgen vroeg mijn knecht gedreigd?”

Glimlachend antwoordt hij: „Geen dreiging was 't, Waarvoor uw tuinman vlood. Ik was verrast,

Toen 'k 's morgens hier nog stil aan 't werk zag staan, Die 'k 's avonds halen moest in Ispahân.”

P.N. van Eyck

Gebruik in je boekje

Waar gaat dit gedicht over?

Een rijke Pers vertelt wat er die dag gebeurde. 's Ochtends komt zijn tuinman in paniek binnen: hij heeft de Dood gezien in de rozentuin. Hij leent het paard van zijn heer en vlucht naar de stad Ispahan (Isfahan, in het huidige Iran). 's Middags komt de heer zelf de Dood tegen. De Dood zegt dat hij niet dreigde. Hij was alleen verbaasd de tuinman daar nog te zien, want hij zou hem die avond in Ispahan ophalen.

Het gedicht vertelt zonder oordeel dat niemand aan zijn tijd ontkomt. Er zit geen angst in. De Dood glimlacht zelfs.

Een paar oude woorden: "van morgen" is vanochtend, "spoorslags" betekent in volle galop, "loot" is een jonge tak, "vlood" betekent vluchtte en "heengespoed" betekent weggesneld.

Wanneer past dit gedicht?

Het past bij een uitvaart waar je rustig wilt stilstaan bij het idee dat het leven een eigen loop heeft. Het werkt goed bij iemand die van verhalen hield. Omdat het gedicht niet over geloof gaat, past het bij een kerkelijke en bij een niet-kerkelijke uitvaart.

Het is minder geschikt als iemand plotseling en jong is overleden en de familie het idee van een vaststaand lot pijnlijk vindt. Overleg dat even met elkaar.

Voorlezen

Meestal leest een familielid, een vriend of de uitvaartspreker het voor. Het gedicht bestaat vooral uit gesprekken. Lees de woorden van de tuinman iets sneller en die van de Dood juist kalm. Rustig voorgelezen duurt het ruim een minuut.