Ego flos
Gezelles gebed van een bloem tot de zon, een beeld voor leven en sterven bij God; voor een uitvaart.
Ik ben een blomme en bloeie vóór uwe oogen, geweldig zonnelicht, dat, eeuwig onontaard, mij, nietig schepselken, in 't leven wilt gedoogen en, na dit leven, mij het eeuwig leven spaart.
Ik ben een blomme en doe des morgens open, des avonds toe mijn blad, om beurtelings, nadien, wanneer gij, zonne, zult, heropgestaan, mij nopen te ontwaken nog eens of mijn hoofd den slaap te biên.
Mijn leven is uw licht: mijn doen, mijn derven, mijn' hope, mijn geluk, mijn eenigste en mijn al, wat kan ik, zonder u, als eeuwig, eeuwig sterven; wat heb ik, zonder u, dat ik beminnen zal?
'k Ben ver van u, ofschoon gij, zoete bronne, van al dat leven is of immer leven doet, mij naast van al genaakt en zendt, o lieve zonne, tot in mijn diepste diep uw aldoorgaanden gloed.
Haalt op, haalt af!... ontbindt mijne aardsche boeien; ontwortelt mij, ontdelft mij!... Henen laat mij,... laat daar 't altijd zomer is en zonnelicht mij spoeien en daar gij, eeuwige, ééne, alschoone blomme, staat.
Laat alles zijn voorbij, gedaan, verleden, dat afscheid tusschen ons en diepe kloven spant; laat morgen, avond, al dat heenmoet, henentreden, laat uw oneindig licht mij zien, in 't Vaderland!
Dan zal ik vóór.... o neen, niet vóór uwe oogen, maar naast u, nevens u, maar in u bloeien zaan; zoo gij mij, schepselken, in 't leven wilt gedoogen, zoo in uw eeuwig licht me gij laat binnengaan.
Guido Gezelle
Waar gaat dit gedicht over?
"Ego flos" is Latijn en betekent "ik ben een bloem". Boven het gedicht verwijst Gezelle naar het Hooglied (hoofdstuk 2, vers 1). De dichter vergelijkt zichzelf met een bloem die bloeit in het licht van de zon. Die zon staat voor God. Elke ochtend gaat de bloem open, elke avond weer dicht. De bloem verlangt ernaar los te komen van de aarde en voor altijd in dat licht te staan. Niet meer tegenover God, maar naast hem en in hem.
Gezelle schreef het gedicht in 1898 in Kortrijk, een jaar voor zijn eigen dood. Dat staat onder het gedicht in de bundel.
Een paar oude woorden: "blomme" is bloem, "onontaard" betekent zuiver, "gedoogen" is toelaten, "biên" is bieden, "derven" is missen, "genaakt" betekent nadert, "ontdelft" is uitgraven, "spoeien" betekent laten groeien en "zaan" is spoedig. "Het Vaderland" is hier de hemel.
Wanneer past dit gedicht?
Het past bij een kerkelijke uitvaart, zeker in Vlaanderen waar Gezelle geliefd is. Het past bij iemand met een sterk geloof. Het past ook bij iemand die van bloemen en de natuur hield. Het is langer dan veel andere gedichten. Wil je het korter houden, kies dan in overleg een paar strofen. Zet dan wel in het boekje dat het een fragment is.
Voorlezen
Een familielid of de voorganger leest het meestal voor. De regels zijn kort, maar de zinnen lopen door. Lees daarom per zin en niet per regel. Voorgelezen duurt het geheel ruim twee minuten.
Gedichten voor een uitvaart
- Goede DoodEen ingetogen gedicht van Boutens dat de dood aanspreekt als een zachte, bekende stem; voor een uitvaart.
- Kinder-lijckVondels bekende gedicht bij de dood van zijn zoontje Constantijn; voor de uitvaart van een kind.
- Op de dood van SterreHuygens' sonnet bij de dood van zijn vrouw, die hij Sterre noemde; voor een uitvaart van een partner.
- Wijding aan mijn vaderSonnet van Karel van de Woestijne aan zijn overleden vader; past bij de uitvaart van een vader.
- AfscheidMarsmans gedicht over een stervende die afscheid neemt van huis en geliefde; voor een uitvaart.
- Avondliedekens III ('t Is goed in 't eigen hert te kijken)Nahons avondlied over terugkijken op een dag vol kleine goedheid; stil en troostend bij een uitvaart.